Bijna helft euthanasieverzoeken in België ingewilligd

11-10-2011

Dutch text only

Sinds de invoering van de Belgische euthanasiewet in 2002 werd bijna de helft van de verzoeken tot euthanasie ingewilligd en uitgevoerd. Meer nog dan pijn vormt uitzichtloos en ondraaglijk lijden een doorslaggevende factor in de uitkomst van het verzoek. Daarnaast spelen ook leeftijd, psychiatrische aandoeningen en kankerpatiënt zijn een grote rol in de beslissing van de behandelende arts. Dat blijkt uit een studie van onderzoekers Yanna Van Wesemael en professor Luc Deliens van de onderzoeksgroep Zorg rond het Levenseinde van de Vrije Universiteit Brussel en de Universiteit Gent, die binnenkort zal gepubliceerd worden in het vaktijdschrift Journal of Pain and Symptom Management.

In 2009 ontving een steekproef van Belgische huisartsen en artsen die door hun specialisatie mogelijk vaak in aanraking komen met terminale patiënten, een vragenlijst waarin hen werd verzocht hun laatste expliciete euthanasieverzoek te beschrijven. Uit hun antwoorden blijkt dat 39% van de respondenten al een verzoek had gekregen sinds de euthanasiewet in 2002. Bijna de helft van deze verzoeken werd ingewilligd en uitgevoerd, 5% werd geweigerd door de behandelende arts, 10% werd terug ingetrokken door de patiënt en in 23% van de gevallen stierf de patiënt voor de uitvoering. In 71% van alle verzoeken stond de behandelende arts positief tegenover het verzoek op het moment dat het gedaan werd. In 65% van alle verzoeken werd een onafhankelijke tweede arts geconsulteerd.

Artsen met ervaring in palliatieve zorg – hetzij door training of door deel uit te maken van een palliatief team – ontvingen vaker een verzoek tot euthanasie dan artsen zonder ervaring hierin. Dit wijst erop dat palliatieve zorg niet noodzakelijk leidt tot een vermindering van euthanasieverzoeken. Ook artsen die aangeven niet gelovig te zijn, kregen iets vaker een verzoek dan artsen die aangeven gelovig te zijn.

Een euthanasieverzoek werd minder vaak ingewilligd bij patiënten met een psychiatrische aandoening of algemene achteruitgang en bij patiënten ouder dan 80 jaar. Dat laatste kan erop wijzen dat artsen kennelijk nog voorzichtiger omspringen met verzoeken van ouderen dan met die van jongere patiënten.

Factoren die maken dat de behandelende arts initieel positief staat tegenover het verzoek zijn: ondraaglijk lijden als reden voor verzoek, kanker hebben, jonger zijn dan 80 jaar en geen depressie hebben. In dat geval zal de arts verder gaan met de procedure en ook de onafhankelijke tweede arts consulteren voor advies. Een positief advies van die tweede arts zal vervolgens de waarschijnlijkheid dat het verzoek wordt ingewilligd, nog meer vergroten.

 

Referentie:

Van Wesemael Y, Cohen J, Bilsen J, Smets T, Onwuteaka-Philipsen BD, Deliens L. Process and outcomes of euthanasia requests under the Belgian act on euthanasia: a nationwide survey. Journal of Pain and Symptom Management 2011; [Epub ahead of print].

 
Share this
Deel dit bericht